Het juiste hout kiezen tegen insecten en zwammen

Ajout au panier

Alle hout is niet gelijk in de strijd tegen zwammen, insecten, vochtigheid en weersomstandigheden. Gelukkig bestaan er klassen voor de duurzaamheid en het risico, die u toelaten het juiste type hout te selecteren volgens uw project.

FC0003shutterstock_200559008-@iva

1. De weerstand tegen zwammen

De Europese norm EN 350.2 legt de verschillende klassen van duurzaamheid vast. De weerstand van onbehandeld hout wordt getest op verschillende zwamstammen. Er bestaan vijf categorieën van natuurlijke duurzaamheid.

De categorie I biedt meer dan 25 jaar weerstand aan zwammen, zelfs als het hout in contact is met de grond en het geen enkele behandeling heeft gekregen. Hout van deze categorie is dus erg duurzaam. Teck, jatoba en ipé staan in categorie I, net als de robinia en de afzelia.

Hout uit categorie II wordt als duurzaam beschouwd gedurende 15 à 25 jaar. Hiertoe behoren bijvoorbeeld de kastanje, de Europese eik, de Western Red cedar of nog de bankirai. Hout uit categorie III is gemiddeld duurzaam (10 à 15 jaar). Hiertoe behoort onder andere de douglas. Of ze nu tot categorie II of III behoren, ze vereisen een behandeling voor elk buitengebruik om correct weerstand te bieden aan zwammen.

De categorieën IV en V zijn dan weer weinig (5 à 10 jaar) en niet duurzaam (minder dan 5 jaar). We vertellen het meteen: ze zijn niet geschikt voor buitengebruik, zelfs als men een bescherming tegen zwammen aanbrengt. Dit is het geval voor het spinthout, beuk, spar, kastanje ...

2. De weerstand tegen insecten

Dit is niet het onderwerp van categorieën. De regel is hier eerder 'alles of niets'. Een houtsoort kan immers aangevallen worden door een specifiek insect of niet. De houteters onder de insecten zijn onder meer:

- de huisboktor, die enkel harshoudend hout aanvalt,
- de lyctus, die voornamelijk loofhout verkiest,
- de gewone houtwormkever of anobium, ook wel meubelkever genoemd.

3. De risicoklassen en voorwaarden voor gebruiksgeschiktheid

De norm NF EN 335 definieert de basiskenmerken van iedere risicoklasse om de voorwaarden voor gebruiksgeschiktheid van een hout te kunnen selecteren.

De klasse 1: deze klasse verzamelt het hout voor interieurmeubels (meubels, parket, deuren, trappen ...). Dit hout moet altijd beschermd worden tegen weersomstandigheden. Hun vochtigheid in dienst bedraagt minder dan 20%. 

De klasse 2:  dit is hout onder afdak zoals dat gebruikt voor dakgebinten. Hun vochtigheidsgraad kan nu en dan boven de 20% uitstijgen.

De klasse 3: hier vindt men hout voor constructies en verticale buitenmeubels die aan regen onderhevig zijn. Hun vochtigheidsgraad kan regelmatig de 20% overstijgen. Dit is het geval voor vensters en gevelbekledingen.

De klasse 4: Dit is hout in contact met de grond met risico op stilstaand water (loopplanken, terrassen, pontons ...).

De klasse 5: dit is hout dat permanent in contact is met zeewater en erdoor overstroomd kan worden.

FC0003shutterstock_200559008-@iva

Infofiches bekeken ook...

FC0017@Pincasso

De preventieve technieken van houtbehandeling

Hout ondergaat meestal een behandeling vooraleer het in de winkel aankomt. Het doel is het hout een eerste beschermingslaag te geven, met name tegen insecten en zwammen. Autoclaaf, drenken en thermoverwarming: ontdek...
FC0005-Poncer à la main

Hoe kunt u manueel of machinaal goed schuren?

Schuren is een onmisbare stap die vóór ieder schilderwerk moet worden uitgevoerd. De vraag is welke methode u moet toepassen om een behoorlijk resultaat te verkrijgen. Manueel of elektrisch? Welk schuurmiddel moet u...
FC0031@GoodMood-Photo

Hoe schildert u plinten in 5 stappen?

Plinten dienen vooral om de onderkant van de muren te beschermen. Maar ze maken ook deel uit van ons interieur. Toch vergeten we dat vaak. Een korte how-to. Enkele weken geleden legden we uit hoe u houten plinten...